Zwemmen in stijl

Julie en zwemmen… het is nooit de perfecte combinatie geweest en dat zal het waarschijnlijk ook nooit worden. Tot voor kort had ik er zelfs een bloedhekel aan, ik zag er echt de lol niet van in. Om te beginnen vereist zwemmen dat ik me in m’n badpak vertoon, iets wat ik eigenlijk koste wat koste wil vermijden. Het lijkt wel of dat ding met felverlichte pijlen alle imperfecties van mijn lichaam aanduidt… “kijk die buik”…”zie die billen”…. waardoor ik me zo lang mogelijk achter een handdoek probeer te verstoppen. Ah, de gruwel!  Als ik me dan toch over dit onoverkomelijk feit zet, stelt zich al het tweede probleem: zwemmen impliceert water. Koud water. Nat water. I hate it. Meestal hang ik dan zo eerst een halfuur aan de zijkant te dobberen en me stukje bij beetje in het water te laten zakken terwijl mijn armen kiekevel vormen een geheel kippenren waardig. En dat alles dan om dan vervolgens – het toppunt der gruwel….. baantjes te trekken waarbij de grootste afleiding wordt gevormd door de tegeltjes op de bodem van het bad en het (meestal niet eens zo mooie) achterste van de persoon die voor je zwemt. Om dan uiteindelijk met rood doorlopen ogen van het chloor uit het bad te klauteren en het eerste halfuur niets deftigs te kunnen zien. Nee… Julie bedankt meestal feestelijk voor alles wat met zwemmen te maken heeft.

Of moet ik zeggen “bedanktE”, want sinds enige tijd heb ik me verzoend met het zwemmen. Dat ik ervan hou is veel gezegd, maar toch…. Ik heb ontdekt dat het een goede crosstraining is voor lopers. Sinds enkele maanden kan ik ook rekenen op leuk tettergezelschap in het zwembad (danku Leen!), waardoor een waardig alternatief werd gevonden voor het tegeltjestellen en waardoor de tijd sneller vooruit gaat. Bovendien is het wel zo handig dat ik dankzij mijn werkgever aan personeelstarief kan gaan zwemmen op 300 meter van mijn deur. ‘k Heb ook ontdekt dat zo’n frisse plonspauze een geweldige manier is om af te koelen tijdens de middagpauze tussen twee verhitte vergaderingen door. Geloof het of niet, tegenwoordig vind je me minstens 2x per week in het bad. En ik vind het nog niet onaangenaam ook.

“Niet onaangenaam is één ding”. Wat ik vandaag meemaakte, is echter iets anders. Vandaag beleefde ik de ultieme zwemervaring, de natte droom van Michael Phelps, de fata morgana van Fredje Deburgraeve: het natuurpark Krka in Kroatië! Het tweede nationaal park dat we tijdens onze reis bezochten. 111km² groot. Een verzameling van hoge rotsachtige heuvels, weelderige begroeiiing en vooral: WATERVALLEN! Watervallen, waarvan de bekendste de Skradinski Buk, waarover je kan wandelen via speciaal opgerichte pontons en loopbruggetjes. Heel spectaculair allemaal. Maar het spectaculairst van al: je mag erin zwemmen! En dat is precies wat Maarten en ik vandaag deden na een wandeling van ruim 3u in het park (bij 37 graden), we konden de verfrissing wel gebruiken. En zo zat ik plots baantjes te trekken met op de achtergrond de watervallen. Dat was echt kicken! Zo kicken dat ik zelfs heel even vergat dat er vissen zaten op de bodem die ik zo ver mogelijk van mijn voeten wilde houden omdat ze niet aan mijn tenen zouden tsjoezen… en dat zegt véél!  Misschien moet ik eens suggereren dat ze in het GUSB een watervalleke installeren….. ‘k zal dan met plezier het water induiken, koud of niet, in zwempak!

 

Geef een reactie