Energy Run – Nazareth – 30/08/2013

photoEr was eens, niet eens zo lang geleden, een groepje vrienden uit het Gentse. Een zotte bende. Een zootje ongeregeld. Zes prille (en minder prille) dertigers, waarvan 5 samen hun studietijd industrieel ingenieur informatica afwerkten en waarvan ééntje – ondergetekende dus – tot voor kort als economist en loper een beetje de vreemde, maar evengoed aanvaarde, eend in de bijt vormde. Vormdé. U leest het goed. In de verleden tijd. Want hoewel de urenlange babbels over walls en servers en god weet wat allemaal me nog altijd als Chinees in de oren klinken, is er sinds vorig jaar wél een extra gemeenschappelijke factor tussen de vijf informatici en de economist: het lopen! Jawel. Was ik vorig jaar nog de enige loper van de groep, ondertussen lopen ze allemaal. Al-le-maal. Hoe wijs is dat?

En zo gebeurt het dan plots dat je vriendengroep, die je vroeger luidop vroeg “maar waarom loop je in hemelsnaam”, “lopen, dat is toch ongelofelijk saai” of “wat is het nut van een wedstrijd als iedereen een medaille krijgt, of je nu eerste bent of laatste”, het plots heeft over loopschoenen, tussentijden, wedstrijdjes en sportieve plannen. Plots klinkt het “zullen we samen een rondje gaan lopen tijdens ons vriendenweekend in de Ardennen”, terwijl ik twee jaar geleden als enige hondsvroeg de wekker moest zetten om de kilometers aan het strand alleen af te haspelen, om dan vol medelijden aangekeken te worden wanneer zij uit bed rolden als ik terug kwam uit training. “Het kan verkeren” zei Bredero. Hij had gelijk. En of ik het leuk vind? Zal wel zijn! Ik ben megatrots op elk van hen, en vind het superleuk om nu mijn liefde voor de sport met hen te kunnen delen….

Maarten nog helemaal relax voor de start

Maarten nog helemaal relax voor de start

… en om samen wedstrijdjes te lopen. Zoals gisteren. Gisterenavond stond in Nazareth de Energy Run op het programma en daar zouden we samen naartoe gaan. Fred had helaas al andere plannen en Tom moest het wegens een tegendraadse knie bij supporteren houden, maar Maarten, Greet, Diebrecht en ik zouden samen aan de start staan. Van de Energy Run. Nu was “energy” het allerlaatste wat ik gisteren had. Een ietwat uitgelopen feestje de avond voordien en ook wat kortere nachten eerder in de week (tja, die serie “the newsroom” moest maar zo goed niet zijn) zorgden ervoor dat ik vrijdag bijzonder zombie-achtige gevoelens had en in slow motion leek te functioneren terwijl de wereld rond mij een versnelling of drie hoger ging. De vergaderingen van de dag leken volledig aan mij voorbij te zijn gegaan (waarover ging het ook alweer?) en om 17u lag ik al vrolijk in onze zetel te slapen en was 16km lopen wel het laatste waar ik aan dacht. Wakker blijven en aan de start staan zou al een héle prestatie zijn. Over lopen wilde ik zelf niet nadenken. Héél even overwogen we gewoon te gaan supporteren maar we wilden onze vrienden niet teleurstellen én, zoals mijn oma altijd zei “een kermis is een geseling waard”. Een wijze dame, mijn oma. Als ik donderdagavond kan feesten, moet ik de vrijdag maar kunnen lopen ook. Voila. En dus ging het richting Nazareth. Onder een stralende zon. Leuk.

Loopmaatje Mieke aan de inschrijvingstafel

Loopmaatje Mieke aan de inschrijvingstafel

Het plan? Maarten en Greet zouden de 5,5 km lopen; Diebrecht de 11km en ik de 16,5km. Maarten en ik komen – ondanks de vermoeidheid – als eerste ter plaatse en treffen al snel Mieke aan de inschrijvingen, die wild zwaait voor een foto voor Nico. Wat deden we toch vroeger zonder Facebook? Terwijl ik Maarten meehelp zijn borstnummer op te spelden (inclusief vergeefse pogingen om “per ongeluk” zijn buik mee hebben ;-) ) komen ook Greet en Diebrecht toe.  Brede smile. Vol goesting om te lopen. Al lachend en grappend probeer ik Diebrecht te overtuigen ook voor de 16km te gaan. Waarom? Omdat ik geloof dat hij het kan. Natuurlijk. Maar eerlijk… ook omdat ik dan met hem zou kunnen samenlopen en een excuus zou hebben om niet voluit te moeten lopen (wat in mijn slaaptoestand gewoon niet ging) én omdat ik op die manier zelf meer kans had om er na twee rondjes niet de brui aan te geven. Ja Diebrecht, ik heb je dus een beetje gebruikt om mijn eigen motivatieprobleem aan te pakken, maar hey – ik was er zeker van dat hij het me er ooit dankbaar voor zou zijn ;-) Ik moet toch enige overtuigingskracht hebben gehad, want Diebrecht koos inderdaad voor de 16,5 km die hij vooral wilde uitlopen (hij liep nog nooit verder dan 11 km) en als het kon ook nog aan 10km/u.  Strak plan!

Tom heeft een eigen manier van supporteren

Tom heeft een eigen manier van supporteren

Even voor 19u gingen we naar de start. Een gemoedelijke sfeer, daar in Nazareth, waar de startlijn met een door een bevende hand getekende krijtlijn op het asfalt werd aangegeven. Een zalig eindezomer-zonnetje piepte door de bomen langs de brede laan. Nog meer bekenden in het startvak. Ik zag er loopvriendjes Patricia en Eddy en ook collega Ann, die twee weken geleden nog de Mont Ventoux is opgelopen. Slik. Ik buigde nederig het hoofd en stelde me maar lekker achteraan in het startvak op en was Diebrecht eeuwig dankbaar dat hij m’n excuus werd voor een tragere dan gewoonlijke eindtijd :-) . Plots klonk in de verte een knal, blijkbaar was het startschot gegeven. Dat Tom, die supporterde, nog enthousiast met ons stond te babbelen en in de massa werd meegedreven, was een klein detail….. We waren vertrokken. Voor drie rondjes van 5,5km. Een mooi team: een halfslapende lange-afstandsloper en een debutant op de afstand…. wat zou dat geven?

Greet en Maarten klaar voor de 5,5km

Greet en Maarten klaar voor de 5,5km

De strategie? Rustig vertrekken. Zorgen dat we kunnen blijven babbelen, zeker de eerste twee rondjes en zeker niet te snel lopen. Diebrecht loopt gemakkelijk 12km/u; maar dat zouden we nu dus niet doen, om in de derde ronde geen rare capriolen tegen te komen. Rustig starten en zien hoe het gaat. Maarten en Greet lieten we al onmiddellijk achter ons en het eerste rondje werd eentje om het parcours te verkennen. De eerste helft over asfalt. Veel bochten, dus veel afwisseling en af en toe een koe of paard als supporter. Leuk. Halverwege een geïmproviseerde douche om de lopers te verfrissen. Dat het water door de wind op de supporters terecht kwam in plaats van op de lopers, is een detail dat we met de mantel der liefde bedekken. De intentie telt. De tweede helft is een stukje “trail”. Op bospaadjes waar de uitstekende boomwortels netjes in gele fluokleuren werden aangeduid om ongelukken te vermijden. Netjes. Aan km vier staat een man onze borstnummers te noteren. Aan km vijf krijgen we water en voor we het weten is het eerste rondje voorbij. Tempo? 10,5km/u. Gevoel? dik in orde. En Diebrecht? Als er één spier moe zal zijn is het zijn tong, in plaats van zijn beenspieren, die heeft gewoon geen minuut gezwegen ;-)

Julie & Diebrecht klaar voor de 16K!

Julie & Diebrecht klaar voor de 16K!

Tweede rondje. We hebben plots meer plaats. Het deelnemersveld sterk uitgedund. De meeste lopers deden duidelijk mee aan de 5,5 km en hebben de finish ondertussen al bereikt. Ons wachten nog twee rondjes. Rondjes die we ondertussen al kennen. Of dat dachten we. De eerste helft, het asfaltdeel, leek plots een stuk langer te duren dan de eerste keer. Het leek wel een eeuwigheid tot we aan de geïmproviseerde douche kwamen, die overigens nog steeds de verkeerde richting uit stroomde. Een beetje verder de bevoorrading. Twee enthousiaste kleine jongetjes deelden bekertjes water uit. Tijdens de eerste ronde was het nog te druk, maar nu hadden ze duidelijk genoeg tijd om deze belangrijke taak op zich te nemen. “doe maar je best Driesje”, hoorde ik de mama tegen één van hen zeggen. Waarop ik, in een poging om zulke jonge hulpvaardigheid aan te moedigen tegen Driesje zei “Driesje, ik wil wel wat water”. Waar ik niet op had gerekend was het enthousiasme waarmee Driesje het water in mijn gezicht kletste…. tot grote hilariteit van de omstanders ;-) Dit gaf dan weer zo’n boost, dat het tweede deel als niets voorbijvloog. We liepen weer voorbij de man die ons nummertjes noteerde en besloten hem te helpen door deze alvast te roepen en terwijl Diebrecht ronduit blééf babbelen (serieus!), eindigden we het tweede rondje onder luid gejoel van Tom en Greet en Maarten, die ondertussen hun wedstrijd hadden beëindigd.

Een laatste rondje. Nog minder deelnemers. De straat voor ons alléén. Twee lopers achter ons. Eén ervoor. Eentje in een UGent shirt, “die moet ik hebben” zei ik tegen Diebrecht, en dus haalden we die in. Ikke blij. Ik, die gedacht had dat Diebrecht een dipje zou krijgen na 11km, de afstand die hij gewoon is, had het mis. Meneer blééf babbelen. En blééf versnellen. Langs de geïmproviseerde douche die ondertussen niet meer was dan een miserabel kattepiske, langs Driesje (waar ik nu met een grote boog langs liep ;-) ), langs de fluogele boomwortels, langs de man die ondertussen stond te babbelen in plaats van onze nummers te noteren en langs de finse piste en het voetbalveld. Naarmate we de finish naderden kreeg Diebrecht steeds meer vleugels en versnelde hij nog. We haalden vlak voor de meet nog drie lopers in en finishten uiteindelijk in een mooie tijd van 1u31 – helemaal niet slecht voor een eerste wedstrijd op die adstand voor iemand die nog nooit verder dan 11km liep. Opdracht geslaagd: uitgelopen én sneller dan 10km/u! Proficiat Diebrecht! Zie je wel dat je me dankbaar bent nu ;-)

Proficiat ook aan Maarten en Greet die samen ook netjes hun wedstrijd afhaspelden. Onze geweldige prestaties werden beloond met een goodybag gevuld met allerlei lekkers en nuttigs en natuurlijk…. met een klein feestje (alwéér) bij Diebrecht en Greet thuis nadien. Zei iemand frietkotfrieten?  ;-) En ze leefden nog lang en gelukkig!

Geef een reactie